Howells & Digweed & Colorado Charlie: Delicaat
- Mick Boskamp

- 8 uur geleden
- 5 minuten om te lezen
Het is een stralende zondagochtend op eerste Pinksterdag als om 8 uur ’s ochtends mijn mobieltje gaat. John Digweed belt. Ik neem op, maar mijn stem wil nog niet.

John: What happened with your voice? Ik: Too much Digweed. John: Sorry dat ik weinig tijd heb gehad gisteren om bij te praten. Ik zou voor zevenen aankomen op het strand, maar het verkeer was niet te doen.
Ik: Hoe vond je het gaan gisterenavond? John: Qua publiek was dit het beste dat ik bij Colorado Charlie heb meegemaakt. Ze gingen er helemaal voor.
Ik: En dan te bedenken dat er nauwelijks jongeren waren. John: Dat verklaart een hoop. Want het oudere publiek weet nog hoe je moet feesten.
Dan vraagt hij: ‘Hoe was jouw zaterdag?’ Ik vertel hem dat ik heb genoten van zijn set, van de sfeer, van mijn lieve vrienden/vriendinnen en van mijn andere Engelse gabber Danny Howells, waarmee ik weer eens lekker heb kunnen ouwehoeren. Daar laat ik het wijselijk maar bij, want als ik de rest deel, ben ik voor John Digweed - zolang als ik leef - een totale idioot.
Dus vertel ik hem niet dat ik op zaterdag 23 mei om half tien ’s ochtends bij mijn kapper zat om mijn haar voor de zoveelste keer binnen anderhalve dag de kleur te geven, die ik voor ogen had toen ik aan dit echec begon. Even kort en krachtig: ik was gebeld door een bevriende fotograaf die voor een opdrachtgever een campagne voor een cosmeticamerk voor mannen moest schieten, een online product waar er op dit moment tientallen van zijn. En die fotograaf dacht aan mij als model. ‘Ze zoeken een hip iemand van rond de 60/65. En jij ziet er stukken jonger uit dan de 69 die je bent.’
En wat bleek? De opdrachtgever vond me zelfs te jong. Snap jij het nog? De fotograaf zou nog wat foto’s van me maken om ze te overtuigen. Bijna wilde ik voorstellen om me via A.i. wat grijzer te maken, maar dan denk ik dat ik in een rolstoel was beland. Want daar was deze fotografie-purist niet zo van. Van A.i.
En toen bedacht ik het stomste wat iemand maar kunt bedenken. Ik besloot om bij het Kruidvat zilvergrijze haarverf te kopen. Van het huismerk. Diezelfde middag nog was ik helemaal klaar voor het WK en had ik oranje haar.
Gelukkig hadden ze bij mijn kapper de volgende dag nog plek voor me en begon het urenlange herstelwerk, met als resultaat dat mijn haarkleur misschien nog een tikkeltje te blauw was, maar dat kon de zaterdagochtend nog wel worden bijgesteld. Eindelijk was ik rond 11 uur die zaterdag helemaal gereed om naar mijn lieve vrienden Arno en Zella in Scheveningen te rijden (MaloMalo, je kent ze wel, dat gave Dj-stel). En van daaruit naar Colorado Charlie bij Het Zwarte Pad. Er was geen vuiltje meer aan de lucht.
Totdat ik kwart voor één op de snelweg bij Schiphol richting Den Haag met 110 km per uur een klapband kreeg.
Eerst wist ik niet wat me overkwam. Ik hoorde een oorverdovend, ratelend geluid, alsof de wagen uit elkaar trilde. En vlak daarna gleed de auto tussen luid claxonerende medeweggebruikers door naar de vangrail waar die tot stilstand kwam. Na een paar minuten ‘dank u dank u’ te hebben gepreveld, dwong ik mezelf om wakker te schieten en snel een paar belletjes te plegen. Eerst belde ik met mijn vriend Sicco, die in Scheveningen al voor de huisdeur van Zella en Arno stond, en vervolgens met mijn grote, grote redder in autonood, George Dorsman van Starlet Service Zandvoort. Dat ik mooi kon fluiten naar het strandfeest met Digweed en Howells leek me imminent.
Maar dan wordt het 6 uur en sta je op het strand van Scheveningen, backstage het dansgedeelte van Colorado Charlie en begroet je de kwajongen uit Hastings, Engeland waar je al dertig jaar mee bevriend bent. En die hier vanavond doet wat hij eind jaren negentig standaard deed: naadloos opwarmen voor John Digweed.
Nog even schiet er door me heen wat er ’s middags gebeurde daar aan de snelweg. ik denk aan Sicco die bij aankomst meteen een geel jasje aantrok en een gevarendriehoek neerzette. Hoofdschuddend, dat wel. En toen kwam natuurlijk ook nog de man die altijd komt als je hem belt. Die had er binnen paar minuten een nieuwe band omzitten. Ja, het begrip service wordt door dé George angstig serieus genomen. Dat is zeker!

Danny is een geboren Dj. En hij draait geen progressive, geen tech house, hij draait gewoon Danny Howells, bijna een genre op zichzelf. Maar hij weet wel heel slim het binnen sijpelende publiek aan het bewegen te krijgen. Door steeds een hoogtepunt heel pesterig af te zwakken of zelfs af te kappen. Die hoogtepunten laat hij over aan de man die na hem komt, aan de springlevende legende, die ook uit Hastings komt, en die inmiddels met zijn frequent flyer punten een Boeing 747 kan kopen.
Ah, daar hebben we die lieve, creatieve Michou Reuland. Je mag gerust stellen dat Michou begin jaren 90 house heeft helpen groot maken in Den Haag met haar niet aflatende enhousiasme voor de muziek die toen nog geen muziek mocht worden genoemd. Vanavond danst ze een thuiswedstrijd in de tent van Colorado Charlie. Michou maakt prachtige schilderijen & tekeningen en - heel belangrijk - ze is de archivaris van het Bassic Groove archief, het magazine waarvoor ik ooit mijn Nachtboek-column schreef.
Michou vindt mijn staalblauwe haar wel okay. ‘Staat mooi bij je ogen die dezelfde kleur hebben,’ zegt ze. ‘Als mensen vragen waarom je je haar hebt geverfd, zeg je: ‘Om mijn blauwe ogen nog beter uit ter laten komen.” Hoor je ze niet meer.’ Thanx, Michou, als ik jou niet had!

Het is rond een uur of 9 als Danny en ik in de mini-backstage lounge onze stappentellers met elkaar vergelijken. Ik vertelde Danny dat ik elke dag minimaal 15.000 stappen loop en liever meer. Blijkt dat die gekke Howells dezelfde verslaving heeft als ik en zelfs in heftigere mate nog, want Danny loopt beduidend meer kilometers dan ik! ‘Jeutje, Danny,’ zeg ik. ‘Loop je kris kras door Londen van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat? Of komt het door je voetenwerk in de Dj Booth?” Maar hij verstaat me niet, want John gaat er glashard overheen.
We hebben het nog even heel gezellig gehad, Arno, Zella (in haar prachtige vintage Playboy tanktop - zie foto), Sicco en ik. Fijn ook om twee mooie kerels na lange tijd weer eens te treffen: BG-hoofdredacteur Frank van den Bold en Vincent Slingerland met wie ik vroeger de RoXY onveilig maakte.
En toen was het tijd om te gaan.

De volgende dag, op eerste Pinksterdag, krijg ik Michou op de app. Ze zijn opnieuw aan het feesten. Niet aan het strand, maar bij haar thuis. John smaakte naar meer. Ik vraag aan Michou om samen met haar gasten een review van de ster-Dj @ Colorado Charlie te geven.
Inplaats daarvan krijg ik een appje met onderstaande foto:

Later gevolgd door het woordje ‘delicaat’.
Als we de dag en avond van de 23e mei zelf moeten samenvatten, dan denk ik aan de slotwoorden van Vinnie Jones uit de Guy Richie-film Lock, Stock & Two Smokin’ Barrels:
'It was emotional.’
Hier de korte video van John die Sicco schoot en waar de maestro zelf dolenthousiast over is. Geen wonder ook. Let op de ontlading!










