top of page

Mijn Prince-week (dag 3)

  • Foto van schrijver: Mick Boskamp
    Mick Boskamp
  • 23 apr
  • 4 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 24 apr

Iedereen kent Prince als muzikant. Als die man die alles kon: zingen, spelen, produceren, verleiden.

Maar wie iets dichterbij kwam of, zoals ik, het geluk had hem mee te maken, zag iets anders.

Prince was niet één ding. Hij was er een stuk of vijf tegelijk.




Prince, ook al is hij niet meer in deze dimensie, heeft zoveel om over te schrijven. Maar als ik dan aan hem denk, dan denk ik aan:


De gitarist die even kwam laten zien hoe het zat

Er zijn goede gitaristen.

Er zijn hele goede gitaristen.

En dan is er Prince.


Veel mensen zagen hem als zanger. Als performer. Als icoon. Maar wie écht oplette, wist: daar stond één van de beste gitaristen ter wereld.

En soms… moest hij dat even duidelijk maken.

Tijdens een tribute-optreden ter ere van George Harrison - met namen op het podium als Tom Petty, Steve Winwood en Jeff Lynne - stond Prince in eerste instantie bijna bescheiden tussen de coulissen.

Tot het moment kwam.

Na een paar minuten stapte hij in het licht. En wat er toen gebeurde, was geen solo meer. Dat was een overname. Een kleine drie minuten lang (vanaf 3 minuut 30 op de video) trok hij alles open: gevoel, techniek, controle, vuur.

Dit was geen muzikant die meespeelde. Dit was iemand die het podium opnieuw definieerde.

Volgens de verhalen was dit geen toeval. Dit was een statement. Een soort muzikale afrekening met het Amerikaanse tijdschrift Rolling Stone dat hem een schandelijk lage plek had gegeven in de top 100 beste gitaristen.

En op het hoogtepunt gebeurde het onvermijdelijke. Prince gooide zijn gitaar de lucht in.

Niet een beetje. Gewoon… weg.

Alsof hij wilde zeggen: ik heb ’m niet meer nodig.

En het mooiste? Het leek alsof dat ding nooit meer naar beneden kwam.



Na afloop vroeg drummer Steve Ferrone, bekend van The Average White Band, hem of dit een soort wraakactie was geweest.

Prince keek hem aan en zei alleen: “Well… they know now.”

En dat was precies wat het was.

Zelfs Tom Petty gaf later toe dat Prince het podium compleet overnam. Dat hij even liet zien wat hij echt kon.

Sindsdien wordt die solo gezien als een van de beste ooit. En moest zelfs de gevestigde orde haar mening bijstellen. De man die de toekomst al had gezien


Er zijn artiesten die meegaan met hun tijd. En er zijn artiesten die hun tijd vooruit zijn.

Prince zat niet vóór de curve. Hij was de curve.


Lang voordat wij massaal op internet zaten, had hij al door wat er ging gebeuren. Dat muziek niet meer in handen zou zijn van platenmaatschappijen, maar van artiesten zelf. Dat distributie digitaal zou worden. Dat controle het nieuwe goud zou zijn.

Bekijk dit fragment maar eens:


Hij praat hier niet als muzikant.

Hij praat als iemand die het spel doorziet.

En geloof me: dat deed hij vaker.


De humor die je niet meteen zag


Veel mensen kennen Prince als genie.

Als muzikant. Als icoon. Als mysterie.

Minder mensen kennen hem als grappenmaker.

En dat terwijl humor 1 van zijn assets was..

Alleen… op zijn voorwaarden.

Geen bulderlach.

Geen schouderklopjes.

Geen “kijk mij eens grappig zijn”.

Nee - Prince had humor zoals hij muziek maakte:

subtiel, droog en altijd met volledige controle.


Wat je hier ziet, is geen toeval.

Dit is iemand die precies weet wat hij doet.

Timing. Stilte. Blik. Alles klopt.

En dat is het interessante:

zijn humor zat niet in de grap… maar in de houding.


Zijn type vrouw (en dat was geen toeval)


Prince viel niet zomaar op vrouwen. Hij had een type - en dat type had energie.

Sterk. Sensueel. Podium. Presence. Puma's.

Of het nu Sheila E. was, Apollonia Kotero, Vanity of Anna Fantastic (oftewel de Nederlandse Anna Garcia, die ik nog had gescout als Playboy-model), het waren nooit muurbloempjes.

Het waren vrouwen die iets brachten. Iets eigens. Iets dat vonkte.



Wat me altijd opviel: Hij koos geen vrouwen om ze te vormen. Hij koos vrouwen die al gevormd waren.

En vervolgens… maakte hij er iets nóg groters van. Of hij probeerde het in ieder geval.


Tot slot de andere kant: niet voor iedereen even leuk


Veel mensen zien Prince als genie.

Als vernieuwer. Als icoon.

En dat klopt.

Maar er is ook een andere kant.

Een kant die minder vaak wordt verteld — en misschien ook minder graag wordt gezien.


Prince was bikkelhard.

Niet een beetje.

Gewoon… echt.

In de studio was hij de baas.

Geen overleg. Geen compromis. Geen democratie.

Hij wist precies wat hij wilde horen.

En als jij dat niet kon leveren… dan was er altijd iemand anders die het wel kon.



Wat je hier ziet en hoort, is geen karikatuur.

Dit is de prijs van perfectie.

Muzikanten die met hem werkten, wisten waar ze aan begonnen.

Of beter gezegd: ze dachten dat ze het wisten.

Want werken met Prince betekende:

alles geven. Altijd. Zonder garantie dat het genoeg was.

En dat maakt hem interessant.

Want laten we eerlijk zijn:

je wordt geen Prince door iedereen tevreden te houden.

Je wordt Prince door een visie te hebben - en daar nooit vanaf te wijken.

Wat of wie er ook in de weg staat.

Het is ook precies de reden waarom er nog steeds discussie is over hoe hij wordt neergezet in documentaires. Zo is er rond een groot project van Netflix gedoe geweest, omdat zijn nalatenschap niet zit te wachten op een beeld dat te veel de nadruk legt op die harde kant.

Begrijpelijk.

Maar ook… onvermijdelijk.

Want genieën zijn zelden gezellig.

En wie zo groot wordt als Prince

laat onderweg ook mensen achter.





 
 
image.jpg

Door

Mick Boskamp

bottom of page